top of page

Bernadet ten Hove toont nieuwe mogelijkheden

In het Groninger museum.


Hoe toon je de ruimte waar we niet automatisch de focus op leggen? Kun je het onzichtbare zichtbaar maken? Hoe maak je een portret zoals dit nog nooit eerder is uitgevoerd? Wat is een portret eigenlijk? Hoe maak ik een materiaal dat onbruikbaar lijkt toch bruikbaar?


Het was vast druk in het hoofd van Bernadet ten Hove (1957-2019). Net als een wetenschapper of filosoof, stelde zij zichzelf de ene vraag na de andere. En niet alleen zichzelf, ook de studenten die ze begeleidde op de kunstacademie, Minerva in Groningen. Het was immers belangrijk dat de studenten leerden zichzelf vragen te stellen, te verwoorden wat er in hen omging en wat er gebeurde binnen het proces waarin ze zich bevonden. Want juist dat proces stond bij haar voorop. Binnen dat proces ben je in staat nieuwe ingangen te vinden en iets te ontdekken dat je rationeel nooit van te voren had kunnen bedenken. Je moet je gedachten opschrijven, de mogelijkheden van materialen uitproberen, testen en observeren wat er gebeurt. En uiteindelijk verras je jezelf. En daarmee anderen. En dat is precies wat Bernadet met haar allereerste solotentoonstelling in het Groninger museum laat zien. Ze verrast de kijker continue met verrassende vormen en materiaalkeuzes en roept heel veel vragen op. Al is ze fysiek helaas niet meer aanwezig en kan ze de opening vandaag zelf niet meer meemaken, haar blauwdruk hangt in al haar werken.


Bernadet streefde naar een autonoom denken. Daarom koos ze ieder woord heel zorgvuldig, wanneer ze sprak. Daarmee vroeg ze veel tijd, ruimte en focus van zichzelf, maar ook van de luisteraar. Ze nam je mee naar het collectieve geheugen en zocht vervolgens verder. Naar de ruimte daarachter. Om vervolgens bij nog niet eerder ontdekte ruimtes uit te komen.


Zoveel ruimte Bernadet innam wanneer ze dacht en sprak, zoveel ruimte en tijd vraagt ze nu in het Groninger museum van de kijker. Want niets is wat je op afstand denkt te zien. Maar gelukkig, de titelbordjes helpen je op weg. En bij vrijwel al haar werk moet je een stap dichterbij zetten. Om verrast te worden over het feit dat je op afstand niet het gebruikte materiaal had kunnen ontdekken. Want Bernadet zocht continue naar andere toepassingen van verschillende materialen. En tijdens ieder proces daagde Bernadet zichzelf uit tot een andere aanpak dan alle kunstenaars voor haar al hadden gedaan. Ze wilde problemen oplossen, nieuwe oplossingen zoeken, nieuwe vormen creëren en het onmogelijke mogelijk maken.


Gelukkig is haar man, Frank Sciarone, aanwezig, op het moment dat ik mijn best doe vat te krijgen op hetgeen ik zie. Zoals bij de installatie “Implosion in wide Latin” (zie foto’s hieronder).



Zonder eerst de tekst te lezen, probeer ik de vormen te ontcijferen. De vormen doen denken aan letters. Maar dan abstracte letters. Zelf bedachte letters. Een abstracte beeldtaal. En waarom zit er zoveel ruimte tussen deze vormen? Het kan niet anders dat dan ook de ruimte ertoe doet? Dan wijst Frank mij op het titelbordje. De letters verwijzen naar een lettertype: Wide Latin. En inderdaad, Bernadet keek naar de ruimte rond de letters. En zo zijn het niet de abstracte vormen zelf, maar is het de ruimte tussen de vormen die hier uitgerekte letters op de wand zichtbaar maken. Zo maakt Bernadet het onzichtbare zichtbaar. Ze nodigt de kijker uit de automatische focus uit te zetten en anders in te zoomen. Niet op de objecten zelf dus, maar op de ruimte daaromheen. De driedimensionale abstracte vormen zelf roepen een associatie op met brokstukken. Zou dit een link hebben met het woord ‘implosion’? Alsof een groot brok steen is geïmplodeerd, waaruit abstracte letters zijn ontstaan. De vormen werden door Bernadet zelf in ieder geval ‘Foneten’ genoemd. Dit woord had ze zelf bedacht en is een combinatie van de woorden ‘kometen’ , het fonetische (de trilling en klank die bij iedere letter hoort) en fotonen (deeltjes van elektromagnetische straling). Ik probeer in gedachten te luisteren. Welke klank hoor ik als ik voor deze vormen sta? Zelf krijg ik de associatie van een zeer ruimtelijke geluid. Een echo. Zoiets als stenen die in de ruimte op elkaar botsen, waarna trillingen door de ruimte resoneren. Terwijl het lijkt alsof de vormen uit hout zijn gesneden. Dan legt Frank uit dat de vormen in Acrylic One zijn gegoten. Binnen een mal van heel dun aluminium. Acrylic One is een soort gips, maar meer vormvast en beter bestand tegen weersinvloeden, legt Frank uit. Dit bleek geen eenvoudig proces, waarin veel mis kon gaan. Frank heeft haar daarbij kunnen helpen. Maar Bernadet ging dit soort uitdagingen graag aan. Zij wilde het onmogelijke immers mogelijk maken. En het anders doen dan haar voorgangers.


Bernadet speelde niet alleen met de betekenis en klanken van letters. Ook getallen fascineerden haar. Wie lang genoeg naar de ruimte rond de ‘foneet’ aan de andere zijde van de zaal staart, kan twee getallen ontdekken (zie foto hieronder). Ook hier helpt het titelbordje de kijker op weg. Zo verklapt de titel: “ Double Two Wide Latin” eigenlijk al om welke twee getallen het gaat. Ik moet eerlijk bekennen dat ik het niet zag. Het was wederom Frank die mij erop wees. “Had Bernadette het erg gevonden, als de toeschouwer de werkelijke vormen rond en tussen haar ‘foneten’ niet had kunnen ontdekken?” vraag ik. Frank is even stil en zegt dan “ ik weet het niet. Sowieso kan een toeschouwer meestal niet precies eruit halen wat een kunstenaar erin heeft gestopt.” Dan wijst Frank mij op een bekende uitspraak van de bekende Franse en conceptuele kunstenaar Marcel Duchamp.





Zo legde Duchamp eens uit dat een kunstwerk ongeveer 50% van het creatieve denkproces van de kunstenaar zichtbaar maakt, in de vormen en materialen die een toeschouwer direct kan zien. De andere 50% wordt door de toeschouwer zelf ingevuld. Want al snel roepen de vormen en materialen associaties op bij de toeschouwer. Associaties die de kunstenaar er zelf misschien helemaal niet bij had. Maar volgens Frank is dat is niet erg. Als het kunstwerk ze maar uitdaagt in het kijken en opnieuw laat denken. “Bernadette heeft in ieder geval alles erin gestopt. Voor de volle 100%” zegt Frank dan.


En inderdaad. Alle werken binnen deze solotentoonstelling roepen veel vragen op. Zo ook de serie Present Presence en Hamerslag Volumes, die binnen dezelfde ruimte te zien zijn.


Wanneer je Present Presence letterlijk vertaalt, staat er ‘een aanwezigheid in het heden’. In een artikel van Lucette ter Borg uit 2016 lees ik dat het hier gaat om de kracht die in een historisch figuur zit om te transformeren naar een hedendaags gezicht (zie voorbeelden hieronder).


Waarschijnlijk heeft Bernadet zich erover verbaasd dat al die klassieke en historische portretten, die eeuwenlang op een soortgelijke wijze, met olieverf op paneel geschilderd, tot op de dag van vandaag nog steeds veel publiek trekken. En waarom iemand nog steeds met verf afbeelden op een manier zoals schilders dat al eeuwenlang deden? Tegenwoordig kun je toch een foto maken? En wat is een portret eigenlijk? Wat blijft erover van de persoon als je de status, hiërarchie en de huidskleur wegdenkt?




Zoals de Zwitserse kunstenaar Alberto Giacometti eens een boek vol schreef over zijn frustratie niet de ziel van iemand te kunnen vangen in een tekening, zo probeerde Bernadet dit onderwerp op haar manier te onderzoeken. Wat typeert een mens eigenlijk? En hoe kun je portretten anders weergeven dan met olieverf op een houten paneel of canvas of met een fotocamera? Weer daagde Bernadet haarzelf uit door andere materialen uit te proberen. Uiteindelijk koos ze voor het overtrekken van de contouren van een origineel portret van historische figuren, nadat ze deze tot op gelijke grootte en hoogte had opgeblazen. Deze knipte ze uit en plakte ze op glad aluminium. De pupillen van de personen werden in zwart vilt uitgesneden en eveneens opgeplakt en de vormen in de kleding werden met dikke lagen acrylverf weergegeven. Daarin zette ze een kam zodat ze met ronde bewegingen dessins in de kragen kon creëren (zie foto hieronder).



Alle geportretteerden, of het nu een Aboriginal is, een Native American of bekende schilder, kregen dezelfde zwart vilten pupillen en staan met hun borst op eenzelfde, met wit acryllak bespoten, vierkant aluminiumvlak in plaats van een sokkel of koperen naambordje. Zijn we in de kern dan allemaal gelijk? En wat is die kern dan?


Bij Hamerslag Volumes word je evenzo verrast wanneer je een stap dichterbij zet en de gebruikte materialen ontdekt. Zo zocht Bernadet bijvoorbeeld ook de grenzen op van de mogelijkheden van hamerslagaluminium. Een materiaal dat vaak wordt gebruikt voor campers en caravans. Met een stick in zwarte olieverf maakt ze de bubbels in dit materiaal zichtbaar. Waar de vroegere schilders het zwart juist gebruikten om schaduw weer te geven en een object of persoon levensecht te doen lijken, doet Bernadet het hier precies andersom. De bobbels zijn zwart, de schaduw van de bobbels maakte ze wit. Toch kun je het object nog in de vorm ontdekken.




En zo zijn er veel meer kunstwerken en bijzondere vondsten nu in het Groninger Museum van haar te zien dan hier geschetst. Een bezoek aan de solotentoonstelling van Bernadet ten Hove resulteert in een grote en lange ontdekkingstocht. Zoals Lucette ter Borg in 2016 als schreef “Bernadet wil de menselijke geest oprekken”. Dat doet ze zeker, wanneer je naar haar abstracte werken bekijkt en niet direct houvast kunt vinden. Ze daagt de kijker continue uit, zoals ze zichzelf ook uitdaagde. Hopelijk zijn er genoeg bezoekers die de tijd willen nemen en de uitdaging aan willen gaan. Dit is dé mogelijkheid om aan de sleur van alledag te ontsnappen en daarbuiten te kijken. Bernadet verrast je continue en zet de hersenen en neurotransmitters aan het werk. En bovenal geeft Bernadet je hoop. De hoop dat er nog zoveel meer mogelijk is dan we nu denken.


De tentoonstelling wordt vandaag geopend en is te zien tot en met 5 maart 2023. Daarnaast zal ze, in besloten kring, vandaag worden herdacht. Eind 2019 overleed ze in Frankrijk. Veel te jong. Op tweeënzestig jarige leeftijd. Net voordat het Corona-virus werd ontdekt en veel lockdowns volgden. Veel mensen hebben daardoor geen afscheid van haar kunnen nemen. De tentoonstelling is daarom ook ter nagedachtenis en een ode aan Bernadet. Op initiatief van haar man, de kunstenaar Frank Sciarone.


De tentoonstelling is samengesteld door Frank zelf, zijn goede vriend en collega Ton Mars en Iris Steinmeijer, conservator in opleiding. Dit is mogelijk gemaakt met steun van de Stichting Beringer Hazewinkel.


Present presence

Al is Bernadet niet meer fysiek aanwezig, present presence is nu ook op haarzelf van toepassing. Ze blijft in het heden aanwezig. In haar kunstwerken, in het leven van haar man en andere dierbaren en in het denkproces van de studenten die ze begeleidde.

Comments


bottom of page